Mijn eerste schip onder vreemde vlag was de Noorse "Holthav", een stukgoedschip van 13.000 ton. Ik stapte in Rotterdam aan boord op de 15de augustus 1961 als matroos. Met dit schip voer ik naar voor mij in die tijd onbekende plaatsen.
Van Rotterdam ging het rechtstreeks naar het
Panamakanaal met de Gatunsluizen aan de Caribische kant en de Pedro Miquel- en de Mirafloressluizen aan de kant van de Stille Oceaan.
Nadat de loods "over boord gezet was", vervolgden we onze reis naar de havens van
Los Angeles, te weten - San Pedro, Wilmington en
Long Beach. Vandaaruit ging het naar de Baai van
San Francisco, alwaar we ook
Oakland en
Stockton aandeden en vervolgens naar de haven van
Sacramento aan de Sacramentorivier.
Verderop aan deze kust bezochten we
Portland (Oregon) en
Longview (Washington), beiden aan de Colombiarivier.
Toen was het tijd om koers te zetten naar Canada waar we
Vancouver B.C. aandeden, New Westminster en Powell River op het vasteland, en
Nanaimo, Campbell River en
Port Alberni op
Vancouver Island. In alle havens werd lading gelost en geladen.
Van daaruit voeren we bijna halverwege de Stille Oceaan naar Honolulu op het eiland Oahu (
Hawaï) alwaar ik naar de tandarts moest om twee verstandskiezen te laten trekken. Daarvandaan gingen we naar
Hilo op het eiland Hawaï.
Daar was het keerpunt van de reis en via Canada en de Californische Westkust gingen we terug naar Europa.
Ik maakte nog een soortgelijke reis met dit schip, waarna ik afmonsterde in Rotterdam op 30 april 1962.